Op 1 december 2018 leidde Maurice Genko Knegtel Roshi bij Zen Cirkel Lelystad een workshop rondom een belangrijk thema in zen: Commitment (tussen leraar en leerling). De teisho staat nu op de website van stichting Izen. De tekst bestaat uit twee delen: Commitment en Commitment tussen leraar en leerling.

De inleiding:

Roshi: Wat gebeurt er wanneer je je committeert? Je geeft iets uit handen. Het maakt jezelf kwetsbaar. Wat hierbij opvallend is: wij mensen voelen ergens wel aan wat ons te doen staat. Maar als we het hebben over het geestelijk pad, dan kost het ons soms jaren om een bepaalde stap te zetten. Dat heeft alles met angsten te maken, met verzet, weerstand, onzekerheden. We zitten zo vanwege de werking van ons bewustzijn in elkaar. Wat we weten, diep in ons hart, plaatsen we vaak buiten onszelf, op een afstand van onszelf. Die afstand kan tijd kosten, soms tientallen jaren, terwijl die afstand er in feite nooit is geweest. Iets zegt ons waar ons pad is en toch… iemand noemde zojuist blinde vlekken. Dat was voor mij de enige reden met een leraar in zee te gaan. Ik moest het doen omdat ik het zelf niet kon zien.

Voor de complete teksten klik hier Teisho deel 1  & Teisho deel 2

Alle religies zijn ooit ontstaan om de mens op weg naar die fundamentele ervaring te leiden. In de grote religies is dat verloren gegaan. Het zijn vooral de kleine marginale mystieke tradities binnen die religies die dit voortzetten, niet zelden tegen de verdrukking in. Het monddood maken van mystici binnen sommige religieuze stromingen is al eeuwen gaande, tot op vandaag de dag. Zo werd de Duitse Benedictijn en zenleraar Willigis Jäger in 2001 zijn spreek- en leerbevoegdheid ontzegd – hij had zich te vrij uitgelaten over de dogma’s van de kerk. Voor Jäger is het leven in al zijn facetten, aspecten en verschijningsvormen de manifestatie van Gods kracht. De Kerk zou die eerste werkelijkheid dichter bij de gelovige moeten brengen, in plaats van de eigen aanbidding en het eigen belang en voortbestaan voorop te stellen.

Kerkelijke instituten hechten aan hun voortbestaan vanuit dogma’s en wereldse macht, precies de aspecten die de eenheid met de bron, eeuwige wijsheid en waarachtige liefde en mededogen verborgen houden. Hun vertegenwoordigers zien zichzelf als middelaars tussen mens en de Almachtige. Maar in de mystiek is de kerk geen middelaar en is de kerk in feite uiteindelijk onnodig –in de mystiek geldt voor eerst de innerlijke bevrijding door de directe eenheidservaring, dus niet de ervaring van mens tot God maar de ervaring van de onmiddellijkheid van het onvoorstelbare – namelijk de mens als expressie van het goddelijke en het bewustzijn als functie van de Heilige geest waarin alles en iedereen oplicht, als een reflectie van het eeuwige Licht. De mens kan door de ervaring van die eerste werkelijkheid in dit leven de dualiteit en daarmee tijd en ruimte overstijgen en wedergeboren worden, de wederopstanding aan den lijve ervaren. De mystieke ervaring betekent het opstaan en ontsnappen uit het graf van de eindeloze cirkel van oorzaak en gevolg. Weliswaar dient het leven geleefd te worden in deze wereld maar zoals de mystici zeggen – we zijn levende in de wereld maar niet van de wereld.

(foto Pexels)

Wanneer je werkelijk aanwezig bent, laten we zeggen in het kijken, het zien, dan wordt er enkel nog maar gekeken. In feite is er niet iemand meer die kijkt en is er niet iets waarnaar gekeken wordt. De illusie van de dualiteit – een vermeend ‘ik’ dat naar iets of iemand kijkt – is voor een ogenblik opgeheven. Het geschapene is terug (getrokken) in de eigen essentie – degene die kijkt en dat waarnaar wordt gekeken zijn blijken één. Er is alleen een oergrond, zo-heid, Boeddhanatuur, het Onnoembare waaruit alles wat we ervaren en waarnemen oprijst en waarin alles weer terugkeert.

Zo-heid of leegheid kan niet zonder vorm. Er is niet zoiets als een leegte of een Boeddhanatuur aan de ene kant en een wereld van fenomenen aan de andere kant. Het is niet twee maar één en in feite 0. Fenomenen, de wereld zoals die we ervaren is ook niet ‘niets’. De verschijnselen bestaan en ze bestaan niet, tegelijkertijd. Ze bestaan in samenhang met elkaar. Ze brengen elkaar in feite voort, afhankelijk van condities, in wat we het ‘moment’ noemen maar dat geen moment is. In onze wereld leven we in tijd en ruimte. In het absolute, Boeddhanatuur, zijn tijd en ruimte afwezig. Er is enkel een eeuwig ‘is’ of Licht. Deze eeuwige natuur brengt alle fenomenen voort, alle (zintuiglijke) ervaring, het besef van relativiteit, van niet-duurzaamheid.  Wanneer we de fenomenen nader beschouwen en ‘demonteren’ komen we tot de kleinste deeltjes die zich als energiegolfjes gedragen en geen onafhankelijke substantie hebben of zijn. Een stoel, een vaas, een kopje, een auto, een lichaam – het zijn allen constructies van het ongrijpbare, van energie. Ze zijn beelden – ‘constructies’ –  van onze geest en daarmee per definitie verschijningen van Licht. Een zenleraar zei ooit: ‘We zoeken Licht en we missen het zicht op de werkelijkheid, namelijk dat we Licht zíjn!’

(foto: Pexels)