Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij technologieën zoals cookies om informatie over je apparaat op te slaan en/of te raadplegen.
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.
De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.
Kerst – in het Licht (hart) des levens kennen we elkaar
Het lijkt zo onrealistisch – te veronderstellen dat er zoiets als eenheid bestaat in ons drukke, op prestatie en resultaat gerichte, soms bizar chaotische leven en in de vele ellende die plaatsvindt en bestaat.
En toch, de Kersttijd symboliseert wat in de spirituele beleving elke dag, elk moment gaande is en nooit van onze zijde wijkt. Ieder moment is in feite Kerst-tijd, want ieder moment manifesteert een eeuwig Licht zich in alle dingen, in alles en iedereen. Het onzichtbare toont zich in het zichtbare. De Kerstboom is daarvan een mooie metafoor – de boom van het veranderende leven dat oprijst en verdwijnt in het eeuwige Licht. Het tijdelijke voortgebracht door het eeuwige.
In het westen wordt gesproken van geest. In de Oosterse spiritualiteit van shin, oftewel hart. Het hart van eenheid. Daarom zei een Perzische dichter ook: Mijn hart en jouw hart zijn oude bekenden. We kennen elkaar – in dat hart zijn we één. Het is in feite niet iets nieuws. In de vroegste kindertijd waren we ermee vertrouwd. Alleen, in onze discursief ingestelde en al te vaak op uiterlijk vertoon en prestatie gerichte samenleving is het ondergesneeuwd en zijn we het vergeten. En precies daar ligt veelal ook de oorzaak van ongelijkheid, onrecht en geweld. Spiritualiteit wil ons opnieuw her-inneren aan wat onder ons aller voeten ligt, wat hangt onder al ons doen en denken: eenheid, fundamentelijke gelijkwaardigheid.
Wanneer we onze geschillen en de zo vaak gebezigde nadruk op onderscheid en tegenstellingen (dualiteit) voor een moment terzijde kunnen schuiven en rechtstreeks in ons hart (onze geest) kijken, kunnen we de ander werkelijk als medemens zien. Geen wezenlijk verschil. We komen voort uit een gemeenschappelijk hart, we zijn onverbrekelijk met elkaar verbonden en wederzijds van elkaar afhankelijk. We leven met alles en iedereen in een alomvattende en onlosmakelijke samenhang. De Engelse dichter John Donne zei het al: De mens is geen eiland. Het zijn niets meer dan de oerwetten van de natuur.
Ons leven gebeurt ieder moment in een weefsel van een onnoembaar aantal gebeurtenissen. We worden letterlijk ‘bewogen’ door wat ons omringt en door alles wat er gaande is. Ga bijvoorbeeld eens na wat er voor nodig is om thuis, op ons werk of bij klanten een kopje koffie te drinken, welke lange weg die koffie heeft afgelegd, hoeveel handen daaraan te pas zijn gekomen. Hetzelfde geldt voor het kopje waaruit wordt gedronken, de tafel waar we aan zitten, de stoel, onze kleding, ons transport, de computer, de smartphone, ons huis en de gehele inrichting. Het is duizelingwekkend. Het maakt wat bescheidener wanneer we af en toe ons ‘afgezonderde’ eigen leven in dat gemeenschappelijke ‘licht’ kunnen zien. Het mooie is – dat licht bestaat niet alleen in Kersttijd maar in ieder moment van ons leven, overal waar we zijn. Laat je niet misleiden door uiterlijk vertoon – Kijk! En zie! Het gebeurt en is te vinden daar waar je gaat en staat!
Ik wens eenieder alle goeds voor de Feestdagen en voor 2020!
Ben Claessens Sensei
Foto: Tim Mossholder – Pexels
Initiation
Last weekend (7-8 december 2019) I witnessed the sacred and secret ritual of initiation into zen buddhist priesthood where, on the second day of this impressive rite of passage, none other than my brave father stepped into the role of Sensei.
Outer initiations are performed after completing a training, often witnessed by others to celebrate and acknowledge a shedding of skin and putting on a new suit. Anthropologists have been studying this part of the human condition for years. After receiving a diploma or certificate from a teacher, it may feel empty or you may feel like needing to fill it with further Outer opinion, because the Inner initiation has not yet been granted. The student continues up the path paved by the desire for inner recognition, battling untruths on the Way. A beautiful path indeed.
Then there are Inner initiations, not witnessed, not celebrated, not acknowledged by outside spectators. This initiation is between you and You. When an inner initiation occurs, oftentimes, it feels so light, so natural, so much a part of you. You celebrate it differently. It is a celebration of what Is, the wonder and marvel of You.
When an Inner initiation has occurred, the Outer ritual between teacher and student is a splendidly humble event where the student gracefully receives what he knows is His. I think this is why the ritual I was granted to witness between my father and his Teacher, since the very beginning starting with Shakyamuni Buddha, was between Student and Teacher only. There is no need for further witnesses.
The deeper seated the Inner initiation, the less words, actions, movements, resources and declarations are necessary to reinstate someone. My father realized his Inner initiation at the moment his teacher suggested he was ready to become Sensei. He cried tears of gratitude when realizing the Truth in his teacher’s words. A year of preparation went into the ritual. The Inner initiation was granted time to sink, settle, embody. When the time was there to perform the physical ritual, he went through the movements lightly, though with deep reverence, presence and gratitude.
The Outer ritual serves as an instatement of embodiment; Truth has descended in the Body. Now he can help others let Truth descend and guide them on their paths. Have you ever experienced receiving an Inner initiation? We come to this world as initiates. It is your secret, your Gift and Expertise. You know this art better than anyone, it brims in every cell of your bones.
Since it is almost xmas, ask yourself what it is that feels so natural to you, that you have so much of, that you are gifting others all the time, usually without being aware of it. Give it to yourself this year.
Lisanne Claessens
Op het Zenpad geldt: Niet mijn wil maar Uw wil geschiede
Op de lange trainingsweg wordt gerealiseerd en bekrachtigd dat dit bestaan niet-mijn bestaan is. Het zenpad beweegt je ertoe door te dringen tot in de essentie van dit bestaan, dat bestaan onvoorwaardelijk aan te nemen en voor te leven, niets meer, niets minder. Daarvoor is het nodig het starre besef van een ‘zelf’ te doorgronden en achter te laten’, alles te laten vallen, tot aan het ‘iets laten vallen’ toe.
Hier geldt: Niet mijn Wil maar uw Wil geschiedde. Deze Wil is de Universele scheppingskracht die expressie vindt in dit zelf van de individuele mens, een zelf dat niet is onderscheiden van al het andere en toch ook zichzelf is. Ruusbroec sprak van ‘Leven zonder waarom’. Dag Hammerskjöld van ‘volmondig ja zeggen tegen het leven’. De mens, dit bestaan, is uitdrukking van wat we Boeddhanatuur noemen, de wezensnatuur die zich in alles en iedereen als onbegrensde en peilloze aanwezigheid uitdrukt. Aan de praktijk verandert het weinig. Er is uiteindelijk niets waarop ik me kan beroepen. Ik blijf elke ochtend gewoon opstaan en overdag mijn werk doen en zal mezelf daarin telkens weer geconfronteerd zien met mijn menselijke tekortkomingen. Dat is ’t. Daarmee heb ik het te doen. Maar wat het in de kern is weet ik niet. Wat rest, is dit wonderlijke leven leven in niet-weten.