Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij technologieën zoals cookies om informatie over je apparaat op te slaan en/of te raadplegen.
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.
De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.
De kunst van ‘laten’ – luisteren naar de werkelijkheid
Zen is luisteren. Naar wat? Naar de werkelijkheid. Maar wat is die werkelijkheid? Geen idee maar het manifesteert zich in wat zich hier en nu, dit moment voordoet in vele verschijningen en beelden, geluiden, gevoelens, emoties en gedachten. Het zijn aspecten van een werkelijkheid met een eigen taal, dat is waarnaar we luisteren. Met de oren aan mijn lichaam, maar vooral met de oren van die werkelijkheid zelf, de oren van de ruimte waarin alles zich voordoet.
Daartoe is het zitten, de contemplatie van belang. Dit helpt mij om ‘te verzaken’, het hart te reinigen. Het zijn niet de verschijnselen en beelden, de gevoelens en emoties die mij hinderen de werkelijkheid als werkelijkheid te ervaren, het is de bevangenheid met mezelf, met wat IK zie, IK wil, Ik wil weten, Ik wil hebben, IK wil doen. Ik ben zelf de grootste belemmering. Het zitten, verheldert die bevangenheid, zodra ik wat mij bevangt kan ‘laten’. Daarmee ‘laat’ ik mijzelf. Want wat mij bevangt, daarmee identificeer ik me. Zitten en laten geeft niet mezelf maar de werkelijkheid de ruimte terug die ik met mezelf in nam. Ikzelf doe een stapje terug ten behoeve van de werkelijkheid die zich op zich moment, bevrijd van mij, aldus vrijelijk kan ontvouwen.
Dat stapje terug toont uiteindelijk geen andere werkelijkheid dan die waarin ik in de situatie van alledag functioneer. Nee, het plaatst die werkelijkheid in een ander, het eigenste licht. Het laat alles spreken vanuit zichzelf, niet gehinderd door de tussenkomst of ingekleurd door mijn idee, mijn gevoel en mijn emotie. Alle wezens en dingen kunnen zich tonen als geheel, het geheel waarvan mijn ‘ik’ getuige is en waarin ik me beweeg. Ik sta niet los van wat ik waarneem, ik ben de situatie die er op dit moment is. Hier is alles en hier wordt alles en het voltrekt zich aan jou en mij maar ook aan de koffiekop, de boom in de tuin, de vogel in de lucht, het vuil op straat, het water uit de kraan. Het voltrekt zich hier en het in het totale universum.
De waarde van zen is dat het mij iets aanreikt wat mij helpt mijzelf en dit leven te onderzoeken, er in af te dalen en uiteindelijk de dingen voor zich te laten spreken. Een levenswijze die mij terugbrengt naar de directe ervaring van leven zelf, naar de kwestie van leven en dood en, ja, uiteindelijk voorbij deze kwestie, een wedergeboorte die we kennen als, hoe wrang, de grote dood. Het ‘ik’ teruggekeerd in de functie die overeenkomt met de eigen natuur.
Meer dan een mens aan kan
De zentraining is er een van verdieping, bewogen worden tot inspanning en van laten, van jezelf vergeten, voorbij jezelf leren kijken, en vanuit de ervaring terug in de ervaring van het alledaags je verantwoordelijkheid als mens ten opzichte van de ander en al het andere steeds helderder gaan zien. En daarin bewogen worden tot handelen.
Het thema van de retraitemidweek die ik van 21-26 november 2017 in de abdij in Doetinchem mocht begeleiden had als thema Hart van Zen. Dit Hart, deze tegenwoordigheid van geest als de onmiddellijkheid der schepping.
Het is daar waar de verticale en horizontale balk van Christelijk kruis op wijst, daar waar ze elkaar kruisen zijn we, de Schepping, dat zijn wij, ieder ogenblik weer. Daar staan we in het relatieve en in de tijdsbeleving (de horizontale balk) en tegelijkertijd in het eeuwige in de verticale balk. Universum, bergen, oceanen en sterren zijn dat kruispunt, het Hart van Zen, niet iets uitgezonderd. Soms ervaren we even een stukje universum, vaker het relatieve en tijdsbesef van de ontmoeting, de taken die gedaan worden, het eten maken, schoonmaken enzovoort. Maar altijd is daar de eeuwigheid, de kosmos onder elke activiteit en in ons denken.
Deze onmiddellijkheid der dingen werd verwoord door de Benedictijnermonniken op de derde dag van de retraite in de beurtzang van Psalm 139. Gij zijt mij nader dan ik mijzelf. Gij weet van mijn zitten mijn staan. Wat je ervaart is overvloed, pure overvloed, de Gaven Gods, te veel, te immens, in één enkelvoudig, onverdeeld en eeuwig durend ogenblik. Meer dan een mens kan bevatten en aan kan.
Die onmiddellijk van de eeuwigheid voltrekt zich aan ons, het is geen bewuste daad van onszelf, we deinen, bewegen mee in het geweld en de bries van de wind der geest. Meditatie maakt de geest voor deze bewegingsmogelijkheid rijp, flexibel genoeg, door leren ‘niet-doen’, niet ingrijpen, niet voeden, alles wat opkomt laten. Laten en doorlatend worden.
Zo kunnen we ervaren hoe we met elke stap het complete universum, ja, met elke twinkel van het oog, overbruggen. Wat ons toevalt in elk moment is overweldigend en dat diepe besef, die ervaring aan den lijve maakt me sprakeloos en emotioneel. Met alles en iedereen tezamen vormen we in deze oneindigheid het Hart van Zen. Hierin ligt ook een grote pijn, vanwege het gegeven dat dit wonder zich voltrekt aan eenieder en aan alle dingen maar dat niet ieder dat aldus ervaart.
Dit wordt bedoeld met de Lichtschat van de Dharma, de holle ruimte waarin alles oneindig tot volle expressie komt, in de meditatie en in het alledaagse leven, ook als we zijn opgeslokt door ons werk, een gesprek, een klus, achter het stuur, in de winkel. Overal en altijd.
De leraar
Mijn eigen training begon in 1998 bij Nico Tydeman. Ik had hem daarvoor al eens ontmoet, in 1983. Begin jaren ’80 las ik over een zenleraar (Genpo Sensei) uit de VS die naar het scheen in de Bijlmer les gaf. In mijn zoektocht kwam ik uiteindelijk uit bij een van Genpo’s leerlingen, Nico Tydeman bij wie ik enkele avonden in de Kosmos in Amsterdam zazen volgde. Maar die training kwam te vroeg. De eerstvolgende keer dat we elkaar weer zagen was 15 jaar later. Begin 1998 volgde ik een zenweekend bij Jeroen Witkam, Trappist, abt en zenleraar in Zundert. De week daarop ging ik naar het Zen Centrum Amsterdam in Amsterdam Oost. Ik betaalde Meindert van den Heuvel (die in 2013 transmissie ontving) die aan de ontvangst zat gelijk voor een heel jaar, als stok achter de deur. Zeven jaar reed ik op dinsdagavond naar Amsterdam, in drie daarvan tevens als bestuurslid, secretaris. Daar ontmoette ik ook Maurice, we kwamen elkaar nagenoeg elke zenavond tegen. Een jaar na zijn eigen transmissie in 2009 vroeg ik Maurice of ik bij hem shokenstudent kon zijn. Nico en Maurice stemden in. Door de band met Maurice als leraar vond er een geleidelijke maar onmiskenbare en, ik denk ook, onvermijdelijke versmelting plaats. De cursisten in Lelystad gingen in 2013 officieel tot de Zen Cirkel van Izen behoren.
In 2005 had zenleraar Nico Tydeman al ingestemd met een zengroep in Lelystad. Nico’s ideaal was een ‘zendo op iedere hoek van de straat’ en hij propageerde enthousiast en met nadruk de start hiervan door mensen die er minimaal 6-7 jaar training op hadden zitten. Vanuit een bij mezelf moeilijk te duiden drijfveer en het vertrouwen dat Nico me gaf, begon ik destijds de begeleiding. Eén groep startte in 2006 op de maandagavond (tegenwoordig de dinsdagavond, frequentie: wekelijks) en kort daarna een op de woensdagavond (frequentie: elke 2 of 3 weken). In 2007 kwam daar de begeleiding van midweken en weekenden in de Slangenburg, de Benedictijnerabdij in Doetinchem bij. Dit op verzoek van wijlen pater Gerard Helwig die had gestudeerd bij de Duitse Jezuiet en zenleraar Hugo Lasalle en met wie ik al maandelijks de teksten van Ruusbroec bestudeerde, iets wat we tot kort voor zijn dood in april 2013 zijn blijven doen.
De band met en werkzaamheid van Maurice als leraar en geestelijk leider is in dit alles wezenlijk, onmisbaar. Hij is beschikbaar, begeleidt, trekt en duwt, is vasthoudend en meegaand. Hij stimuleert studenten kritisch te blijven en de eigen verantwoordelijk goed in het oog te houden. De leraar belichaamt de traditie, manifesteert de levende Boeddha en spiegelt en leeft daarmee voor wat zich in wezen in ons allen en alles uitdrukt.
Maurice is eens per maand op een avond of middag sparringpartner en supervisor. We vertellen bij die gelegenheid vanuit de eigen ervaring en Maurice gaat in op de dilemma’s en kwesties die ter tafel komen. Het behoort voor mij tot de meest ingrijpende en dankbare ervaringen om op een zo open wijze van student/monnik tot zenleraar, van mens tot mens, Boeddha tot Boeddha, ieder vanuit de eigen ervaring en situatie maar in het besef van de ene aanwezigheid, met elkaar omgang te hebben.
Maurice leidt sinds enkele jaren in voor- en najaar een workshop in Lelystad waaraan leerlingen uit Lelystad en vanuit het land deelnemen. De essentie waarin het bij Izen en de Zen Cirkels gaat en draait is het eigen leven als zenpad te ervaren en te onderhouden. Het is mooi te zien hoe studenten uit de Zen Cirkel in hun leven en werk zelf en op geheel eigen wijze op meditatie en innerlijke verdieping gerichte initiatieven nemen.