‘Wij zijn niet zozeer mensen met een spirituele ervaring
maar spirituele wezens met een mens-ervaring’

Ben Roshi: ‘In de drukte van alledag waarin de wereld vooral verdeeld lijkt, zoeken velen naar vastigheid en eenheid. Dat houvast kunnen we vinden…in ons zelf, op de plek waar we zijn, te midden van de drukte en weerbarstigheid van alledag. Wij zelf zijn de plaats waar het Licht waarin alles verschijnt aanwezig is. Wij zelf zijn de levende expressie daarvan. En diep in ons weten we dat. Op het spirituele pad kunnen we dat Licht tot leven wekken en vervolgens ten volle leven en leren voorleven, ten gunste en ten dienste van alles en iedereen. 

We kunnen een alertheid en een kompas ontwikkelen teneinde niet te verdwalen, onszelf niet te verliezen in het wereldse leven waarin het uiterlijke, het onderscheid, de tegenstellingen en de verschillen zo bepalend zijn maar (leren) leven vanuit dat alomvattend, eeuwig Licht waarin alles verschijnt. In dat Licht blijken we onlosmakelijk met elkaar verbonden  en zien we dat we voor elke stap die we zetten afhankelijk zijn van alles en iedereen.’

Een open geest is een open hart

‘Dat Licht is onze wezensaard, onze geestgrond die in de Aziatische filosofie wordt aangeduid als ‘shin’, hart. Dat hart is oneindig ruim, ongeboren, grondeloos en grenzeloos. Alles en iedereen vindt er een onvervreemdbare plaats. Het is daarom dat we soms spreken over een persoon als iemand met een ‘groot hart’ of een ‘koud, kil hart’. We zeggen geregeld ‘open je hart’, met andere woorden, leef met een open geest. Een open geest staat voor een open, ontvangend hart. 

Wanneer we een dierbaar iemand verliezen, lijden we, hebben we hartzeer. Ook zeggen we ‘je hart verliezen’, met ‘hart en ziel’ je werk doen. Onze staat van geest weerspiegelt de staat van ons hart, hoe we in het leven staan. In ons hart is alles vereend, verbonden en is ieder tegelijk uniek. Het spirituele pad biedt een praktijk om te leren ‘zien’, doorheen de uiterlijke aspecten te kijken – ras, status, nationaliteit en geloof – en de mens te zien zoals die in werkelijkheid is, een spiritueel wezen met een mens ervaring.’

De praktijk van gelatenheid reinigt, opent de geest, het hart
*
‘Wie zichzelf ook maar één ogenblik volledig liet,
die mens zou alles geschonken krijgen’

‘Onze praktijk is ons hart, onze geest reinigen, louteren, opnieuw met een frisse blik in de wereld staan, een open blik, de blik van de ruimte in plaats van met een blik vanuit een door vooroordelen, concepten en misvattingen vertroebelde geest. Onze praktijk is: Wat opkomt en zich toont ‘laten’. Onaangeroerd laten. Het bestaan ‘laten zijn’. Jezelf ‘laten (zijn)’. De ander laten (zijn). In het leven van alledag, te midden van alle drukte, het Licht tot expressie brengen in een oprechte handeling, gedachte of woord. Kunnen we dat?

Wat opkomt aan gevoelens, emoties en gedachten, wat opdoemt in enige situatie aan gebeurtenissen en ontmoetingen, voert ons dikwijls mee en weg van onszelf, we laten ons verleiden en raken bevangen. Meningen, oordelen, neigingen – alles wordt in stelling gebracht. Het kan gaan om kleine, onooglijke gebeurtenissen of grote, ingrijpende, maar ze prikkelen het ego en laten het reageren. De ervaring van dit grootse ogenblik, deze aanwezigheid waarvan niets en niemand uitgezonderd is, is uit beeld. De golven die we zelf veroorzaken, nemen ons in beslag en ontnemen ons de ervaring van de oneindige oceaan, de openheid van onze geest, ons hart.

Gelatenheid kent diverse betekenissen – een ervan is moedeloosheid, resignatie. Waar we hier over schrijven, is de betekenis van het
scheppen van openheid, vrijmaken van de situatie, het wekken van stilte, kalmte, innerlijk raken aan de grond der dingen. Meditatie is
in eerste instantie een beoefening en uiteindelijk een komen tot contemplatie, een samenvallen met, jezelf zien in alle dingen en die
dingen in alle oprechtheid ‘laten’, gelatenheid als geestelijke staat. De staat waarin je je volledig herinnert wat er gaande is, wat en wie je
bent. De staat waarin dingen niet langer gehinderd worden. Zonder dat er een etiket op wordt geplakt, zonder dat ze geweld worden aangedaan, zonder dat ze kleiner worden gemaakt, zonder dat ze gehinderd worden, vastgehouden en beoordeeld. Een leraar zei over gelatenheid: ‘Wie zichzelf ook maar een ogenblik volledig liet, die mens zou alles geschonken krijgen’.’